top of page
  • Foto van schrijverMarja Poot

"No worries mate!"



Het is eind februari, tijd om afscheid te nemen van het mooie Nieuw Zeeland. Tijd is een complex fenomeen, deze zes voorbije maanden voelen als een veel langere periode, maar tegelijkertijd als ik nu terug kijk lijkt het alsof ik maar een paar weken geleden op Schiphol voor mijn vlucht stond te wachten.



Op naar het grote, ruige en gevaarlijke Australië, tenminste dat is waar alle Kiwi's mij voor waarschuwen. En groot is het zeker. Heel Europa past er met gemak in en dan blijft er nog steeds heel veel oppervlakte over. Ik ga dan ook maar een relatief klein deel bezoeken. Queensland aan de oostkust tussen Brisbane en Cairns en wellicht nog iets verder naar Cape Tribulation en het Daintree Rainforest, het oudste regenwoud ter wereld.


Na de aangename temperaturen in Nieuw Zeeland kom ik aan in de vochtige hitte van Brisbane. Ik heb via Camplify een camper gehuurd voor de komende drie maanden. Het is een Ford Transit, een stuk groter dan de Toyota Hiace, mét airco. Het bed ziet er heerlijk uit, met een dik kingsize matras en een grote koelbox die goed koud wordt. Wel zo fijn voor de witte wijn en de gin tonic.



Brisbane is een grote drukke stad, met vierbaans snelwegen en files. Op advies rij ik naar Golden Beach Holliday Park, volgens zeggen een mooie camping, op ruim een uurtje rijden van Brisbane. Mooi houdt voor iedereen iets anders in. De camping is keurig ingedeeld in vakjes, allemaal op een rijtje. Er staat een groot hek om de camping heen en ik kijk uit op grote witte flats. Er ligt op iedere plek een strook beton, dat is niet om de camper op te parkeren maar om je stoelen op te zetten. Dat is maar goed dat de dame van de camping dit uitlegt, want ik zou het precies andersom hebben gedaan. Later kom ik er achter dat het op iedere camping weer anders is. Het is echt heel warm. In de avond koelt het nauwelijks af, de thermometer blijft op 25 graden hangen.



Ik heb net buiten Mooloolaba een Workaway gevonden. Het is fijn om even ergens te blijven, om het land en het lokale leven te leren kennen en om wat werk te doen. Helaas was dit verblijf geen succes, ik voelde me niet prettig bij deze vrouw. Ik ben na vijf dagen weer vertrokken. Tijdens die midweek ging ik elke middag naar Mooloolaba Beach om te zwemmen. Hier nog geen stingers en krokodillen, wel strong currents en dumping waves.



Ik volg de Bruce Highway, deze is 1562 km lang en één van de belangrijkste wegen in Queensland. Hij start in Brisbane en eindigt in Cairns. Via Gympie en Maryborough rij ik naar een camping in Mooroon. Een bijna kaarsrechte weg, er zullen er nog vele volgen, door een bosrijk landschap met eucalyptus en dennenbomen. De afslag naar Maroon leidt door een mangrove bos. Links en rechts van de weg staat alles onder water. Uiteindelijk kom ik op een camping die vol staat met voornamelijk mannen met baarden en boten, die houden van vissen. Het is eind van de middag en die mannen zitten allemaal in het zwembadje met een biertje er bij. Ik word natuurlijk uitgenodigd om er bij te komen zitten. Toch maar niet gedaan. In de avond zie je overal kangoeroe's rondhuppelen en hoor je de schaterlach van de Kookaburra's. Ik loop net voor de zon ondergaat naar naar het water. Op de steiger staat een man me een werpnet, hij gooit hem een paar keer uit, maar hij heeft geen succes. 



Ik maak hier vele kilometers. De afstanden tussen twee plaatsen zijn groot, daartussen is niets, behalve Bruce.


Elliot Heads, vlakbij Bundaberg, moet een prachtig strand zijn. De weg er naar toe gaat door een vlak landschap met overal suikerriet plantages. Een groot deel van de oostkust staat vol met deze plantages. Afgewisseld met bos en geel groene uitgestrekte graslanden met hier en daar een huis. Het strand van Elliot Heads is prachtig, heel stil, bijna geen mensen.



Ik rij naar Hinkler Lions Freedom campground, net buiten Bundaberg, aan de doorgaande weg. Het is meer een soort van parkeerterrein dan een campground. Op veel Freedom campings staan auto's en caravans waar mensen continue in wonen omdat ze geen huis meer hebben of niet kunnen veroorloven. Ook hier aan de rand van deze campground. Drie keer per week wordt hier gratis eten uitgedeeld door een christelijke organisatie. Momenteel is er ook een groep Europese jongeren die hieraan meehelpt. Ik hoor een Nederlands accent, Joelle, een jonge meid van 25 jaar is voor zeven maanden hier als vrijwilliger. Leuk om even mee te praten. Voor ze weggaat vraagt ze of ze voor mij mag bidden, dat mag, kan nooit kwaad. 



Horizons Kangaroo Sanctuary in Agnes Water, een opvang voor kangoeroes waar je ook kan overnachten met een camper of tent. De opvang wordt gerund door Gary, die meer van kangoeroes houdt dan van mensen. Ik krijg een heel betoog te horen over klimaatverandering, het milieu, voeding, ziekte’s, maar vooral dat hij niet van mensen houdt, die zijn allemaal dom. Zijn hart gaat uit naar de kangoeroes. Iedere ochtend en avond voert Gary ze stukken zoete aardappel. Hij moet hebben van de mensen die zijn camping en opvang bezoeken, hoe dat dan precies zit, ik waag me er maar niet aan hem deze vraag te stellen.  De dieren zijn gewend aan mensen en je kunt dichtbij komen, aaien en ja hoor, ook een selfie maken!



Via de app Wikicamps  een volgende bestemming uitgezocht, de Alkoomi Adventure Ranch. Een farm met kampeerplaatsen. De weg is bijna geheel recht vooruit en voert langs graslanden, suikerreit en Eucalyptus bomen. Het landschap doet me aan Afrika denken, aan de savannes. Ook hier is de aarde op sommige plekken rood. Ik verwacht ieder moment een giraf of een olifant te zien.



Alkoomi is een farm met 3 paarden, kippen, geiten en 100 koeien. Het ligt aan een afgelegen gravel weg, midden in de heuvels. Er staat maar één kampeerder en dat is Fleur (29) uit Brabant. Dat bedenk je toch niet. Ze heeft hier negen maanden gewerkt en gaat nu nog drie maanden rondreizen in haar 4wd met daktent. Leuk om haar verhalen te horen.



Je kunt vanaf de farm de heuvel oplopen, aardig klimmetje, daar staat een schommelbank en van daaruit kun je 360 graden in de rondte kijken. Prachtig uitzicht. Heuvels rondom en op de achtergrond, verder weg, hogere bergen en een mooie zonsondergang.




De Finch Hatton Gorge, een prachtig landschap van watervallen, uitbundige flora en vulkanische rotsformaties in een subtropisch regenwoud. Ik ga voor een wandeling naar de Araluen Waterfall.

Als ik bij het begin van de de Finch Hatton Gorge aankom is de weg overstroomt. Het stroomt vrij hard en het water is denk ik 35 cm hoog. Ik vraag aan een voorbijganger hoe de situatie is. Dit is de eerste overstroming maar er volgen er nog een stuk of zes, waarvan er één met hoger water en hardere stroming. Ik waag het er maar niet op met mijn huurbus. Het is 2 km lopen naar het begin van de hike naar de waterval. Er komen twee meiden in een klein autootje die het ook niet aandurven en zij gaan lopen. Ik besluit mee te lopen, dan ben ik niet alleen. Lopen door de overstroming gaat prima, stok mee en de voeten stevig aarden anders worden ze weggedrukt door het water.



Het is heel vochtig warm en binnen een minuut ben ik doorweekt. Het eerste stuk is een gravelweg die langzaam omhoog voert, de aarde is rood. Het water is koel aan de voeten. Na twee kilometer is de parkeerplaats en de start van de hike. Die voert omhoog door het regenwoud. Een pittige workout met op het eind de waterval. In drogere tijden kun je hier zwemmen, maar door de vele regen is het nu veel te woest.



Terug bij de camper doe ik mijn sandalen uit en zie ik een bloedzuiger op de wreef van mijn voet. Jakkes! Australië voelt echt anders dan Nieuw Zeeland, rauw, wild met veel meer gevaren. Behalve die bloedzuiger heb ik nog geen gevaarlijke dieren gezien, maar de waarschuwingen overal geven aan dat ze er wel degelijk zijn. Op de toiletten staat bijvoorbeeld dat je de deksel altijd dicht moet doen omdat reuzen padden en slangen er dol op zijn om in de pot te gaan zitten…..


Ik overnacht op de Finch Hatton Showground, een groot terrein waar je kan kamperen als er geen evenementen zijn. Er is helemaal niemand, ik twijfel nog even, maar denk dan wat maakt het uit. Naast het terrein is een restaurant, ik ga maar eens uit eten. Garnalen, groente, frietjes en een wijntje.


En toen ging het mis. Op ongeveer tien kilometer buiten Finch Hatton houdt de camper er mee op.

Zonder enige waarschuwing loopt de temperatuurmeter razendsnel op en verliest de motor vermogen om tot stilstand te komen midden op de weg. Alarmlichten aan en weer starten om naar de kant van de weg te rijden. Ik zie niets onder de motorkap, geen lekkage, geen rook, niet heet…. Er zijn geen waarschuwingslampjes gaan branden. Mijn telefoon heeft geen bereik. Ik zie honderd meter verderop een boerderij, dus ik start de bus nog één keer en rij heel langzaam daar de oprit op, waarop hij afslaat om vervolgens geen enkel teken van leven meer te geven.



Als ik uitstap komen er eerst twee vervaarlijk uitziende Bulldogs luid blaffend op me af, maar gelukkig ook de vrouw die daar woont. Ik mag de wifi gebruiken. Lang verhaal kort, ik bel met Camplify en met Cheryl de eigenaar van de camper. Alles wordt in gang gezet en na een lange dag wachten verschijnt het sleepbedrijf om de bus naar een garage in Mackay te brengen. Camplify heeft een motel voor mij geregeld. Nadat de bus is afgeleverd brengt de chauffeur me naar het motel. Het is inmiddels 20:00 uur. 


Er blijkt een gat in de slang naar de thermostaat te zitten. Onderdeel moet besteld worden, moet vanuit Brisbane komen, kan 3 a 4 dagen duren. Op kosten van Camplify mag ik drie dagen in dit motel blijven en ik krijg vanaf morgen drie dagen een auto via Hertz. Ook krijg ik geld terug voor de dagen dat ik geen gebruik heb kunnen maken van de camper. Het is echt heel goed geregeld allemaal.



Ik krijg een gloednieuwe Mazda mee! Echt cool. Ik rij naar Eungella National Park.

Je kunt niet ver kijken, de weg wordt omgeven door suikerriet plantages. Het staat al behoorlijk hoog, over een week of vijf gaat er geoogst worden. Langs de velden lopen spoorlijnen waar kleine treintjes met een heel lange sliert wagentjes achter hangt waar het suikerriet in vervoerd wordt naar de grote fabrieken. Ik passeer oneindig veel spoorweg overgangetjes. 


De weg naar de Goodes en de Sky Window Lookout staat vol met waarschuwingsborden. Stijl, smal, bochtig, niet geschikt voor caravans. Je zou bijna denken dat de weg verticaal om hoog gaat. Het is wel een plotselinge overgang, vanuit een vlakke vallei gaat de weg vrij stijl omhoog met veel bochten en zelfs een paar goeie haarspeldbochten. Om nu in deze Mazda te rijden is geen straf, die zoeft met gemak naar boven. 



De Goodes Lookout heeft een prachtig uitzicht over de hele vallei. Iets verder is de Sky Window Lookout, ook prachtig. Een korte wandeling voert door dicht subtropisch regenwoud. Nog een stukje verder ligt Broken River. Aan het eind van een snelstromende beek kom je uit bij een groter water wat bekend staat om de Platyphus, het vogelbekdier. Door de vele regen is het water modderig en bruin, het valt niet mee om er één te spotten, maar na een tijdje zie ik een paar keer iets bruins boven water uitkomen. Niet dat ik ze echt goed kan zien, maar toch, het vogelbekdier kan ik afstrepen op mijn wildlife lijst.



In de avond net nadat de zon is ondergegaan en voordat het donker wordt hoor ik een luid kabaal Enorme zwermen Flying Foxes, hele grote vleermuizen, komen voorbij vliegen. Bizar. Flying Foxes zijn het grootste vliegende zoogdier in Australië. Ze zijn essentieel voor het voortbestaan van de Australische Eucalyptus bossen en de algemene gezondheid van het ecosysteem. Ze zijn de belangrijkste bestuivers van de bush en bestuiven de bloemen van meer dan 50 inheemse bomen.




Seaforest, een klein gehucht. Daar zie ik voor het eerst de netten in de zee waar je veilig kunt zwemmen. De bedoeling is dat deze met name de Stingers tegen houden. Ik zie drie mensen zwemmen maar ik heb het lef niet. Stel dat z’on klein ondoorzichtig beestje zich net door een gaatje van het net weet te wringen. 



The Box Jellyfish is a large, but almost transparent jellyfish with a box shaped bell which can be up to 30cm in diameter. It also has up to 15 tentacles that can extend up to 3m in length. Its sting causes severe burning skin pain, often with tentacles remaining in the stung area. Severe stings can cause respiratory distress and cardiac arrest.



The Irukandji is another dangerous stinger but is quite different in appearance to the box jellyfish. Irukandji have a small 1-2cm bell which is extremely difficult to see. They may appear in epidemic proportions close to shore, which presents a real hazard to swimmers. Irukandji cause an initial minor sting, followed 5-40 minutes later by severe generalised muscular pain, headache, vomiting and sweating. The sting by some species can also increase blood pressure which may become life threatening. These symptoms are sometimes referred to asIrukandji Syndrome.




Airlie Beach is een toeristische plaats, bekend als het hart van het Great Barrière Reef en de Whitsundays. Het weer is niet geschikt voor snorkelen of duiken nu, het regent veel, het waait flink, de golven zijn te hoog en daardoor is ook het zicht onder water slecht. Ik heb een dagtocht geboekt op een boot naar Whitsunday Beach en Hamilton Island. Het heeft de hele nacht geregend en nu nog steeds en het waait behoorlijk. Maar rond een uur of 10 klaart het op en wordt de lucht steeds blauwer en komt de zon te voorschijn.



De Whitsundays bestaat uit 74 eilanden, ontdekt door James Cook op eerste Pinksterdag, vandaar de naam Whitsundays. Het grootste eiland is Whitsunday Island, waar we van de boot af gaan en op een prachtig wit strand komen.



Een bushwalk naar het uitkijkpunt. Zeker de moeite waard. Wat een prachtig kleurenspel. Onderweg naar boven zijn overal de nesten van de Weaver Ants te zien. Zij weven ‘huisjes’ van de bladeren van een boom, een soort van kubus met een kleine opening waar ze er in en uit lopen.




En er zijn ook heel veel grote spinnen te bewonderen, met name de Golden Orb Weaver komt hier veel voor. Een onschuldige spin, maar groot is hij wel, ongeveer zo groot als mijn hand. 




Via de al vertrouwde Bruce ben ik in Alva Beach op een camping aangekomen met zwembad, waar ik heel snel in spring, het is zo warm, te lekker! Ik raak aan de praat met Sharon en haar hubby. Zij werken beiden in de mijnen aan de westkust. Sharon op een grote truck en hubby op een kraanwagen. Week op, week af, elke week met vliegtuig heen en weer, dat wordt hier fifo genoemd, fly in fly out. Zij hebben de gebruikelijke wezenloos grote auto met daarachter een hele brute caravan. Net nieuw, strak design, voorzien van alle luxe die je maar kan bedenken. Ik krijg een koud biertje uit de luxe koel-vries combinatie. Ze wonen in Townsville, 100 km verderop. Ik ben van harte uitgenodigd om langs te komen als ik in mei weer vanuit het noorden terug rij naar Brisbane. 



Hoe verder ik naar het noorden kom, hoe meer bewolking en regen. Op de weerapp wordt gewaarschuwd voor overstromingen van wegen. Het is ook natter dan ‘normaal’ rond deze tijd van het jaar. Maar ja, wat is tegenwoordig nog normaal. Het landschap veranderd, meer heuvels, meer palmen, meer subtropisch regenwoud.


Op weg naar Taylor Beach, weer 250 km naar het noorden zijn er veel dreigende luchten, maar er valt nog steeds geen regen uit. Tot ik bijna in Taylor Beach ben en dan gaan de hemelsluizen open. De weg is nog net niet ondergelopen, maar aan alle kanten zie je plassen water en kreken waar het water al hoog staat De rivieren die ik onderweg passeer zijn veranderd in kolkende modderstromen. Maar ik zit lekker droog in de overkapte buitenkeuken.




Volgende stop is Mission Beach. De camping ligt aan de oceaan. Het regenwoud loopt hier tot op het strand. Ik heb een leuk gesprek met Stefan, een Duitser die ook in zijn eentje een jaar op reis is. Hij heeft net Vietnam, Laos en Thailand  bezocht en is nu hier voor een trip van Cairns naar Brisbane. De weerberichten zijn niet goed, veel regen en dat lijkt zo te blijven voor de komende twee weken. Ik ga een stukje landinwaarts richting The Atherton Tablelands voor een volgende Workaway.



Wordt vervolgt.....



Comments


bottom of page